Leven als kat en hond

Honden en katten kunnen perfect samen leven en de beste vriendjes zijn maar het zijn heel verschillende diersoorten die mekaar niet altijd even goed begrijpen door hun verschillen in karakter en manier van communiceren.

Wanneer hond en kat van jongs af aan met mekaar opgroeien en kennismaken in de socialisatie periode, kunnen ze in principe overal aan wennen. Maar als één van de dieren al wat ouder is kan het wat moeilijker verlopen.

Honden en katten spreken een verschillende taal. Dit leidt tot misverstanden onderling. Zo is een kat die met opgeheven staart loopt op zijn gemak en ontspannen. Een hond die met een opgestoken staart loopt straalt dominantie uit, is juist uiterst gespannen en kan zelfs tot de aanval overgaan. Een hond die de oren plat naar achteren legt kan angstig zijn of onderdanig, bij een kat kunnen naar achteren gedraaide oren eveneens op angst wijzen, maar ook op agressie en aanvalsbereidheid. Een hond kan onderdanige signalen afgeven, een kat toont zijn overgave met de vlucht. Voor de meeste honden is een wegrennende kat juist de ultieme stimulans voor zijn jachtinstinct. Van nature hebben honden nu eenmaal de neiging om achter snel bewegende voorwerpen of dieren die bij hen vandaan gaan aan te rennen. Meestal worden de honden ook nog eens beloond voor dit jachtgedrag, omdat slechts enkele katten het lef hebben om dan juist te blijven staan en eens flink uit te halen.

Een hond voelt zich veel minder snel bedreigd door een nieuwkomer in huis dan een kat, omdat het een roedeldier is. Een puppy kan vaak makkelijker wennen aan een kat dan een volwassen hond die geen katten gewend is.

De eerste ontmoeting moet altijd rustig verlopen. Belangrijk is om te zorgen dat de kat altijd op een plaats kan waar de hond niet bij kan zodat ze zelf de rust kan opzoeken als ze dit wil. Geef ze tijd en dwing ze niet om samen te zijn.

Een kat moet (in zijn beleving) in zijn eentje een heel territorium verdedigen en zal zich dan ook veel eerder bedreigd en onzeker voelen door veranderingen in dat territorium. Katten voelen zich meer op hun gemak als ze zich op een hoger gelegen niveau bevinden. Hoe zekerder de kat zich voelt, hoe kleiner de kans is dat hij gaat blazen of dreigen naar de hond. Bovendien kan de kat zo niet wegrennen en daarmee het jachtinstinct van de hond prikkelen.

Neem de hond aan de leiband bij de eerste kennismaking zodat hij niet te onstuimig is. Probeer beide dieren af te leiden door het geven van iets lekkers of leidt de hond af met zijn favoriete speeltje. Prijs en beloon de hond en de kat als ze zich rustig gedragen.

Soms zijn kat en hond binnen enkele dagen aan elkaar gewend, soms duurt het enkele weken. Gun beide dieren de tijd om zich aan de passen en wees geduldig.

Zijn er specifieke problemen waar u niet uitkomt, vraag dan advies aan uw dierenarts of gedragsdeskundige.